Ga naar de inhoud van deze pagina.
Begroting 2026 Definitief

Financiering

De paragraaf geeft aan hoe wij onze activiteiten financieren, wat de gevolgen hiervan zijn voor de begroting en welke risico’s er zijn.

In deze paragraaf beantwoorden we de volgende vragen.

  • Welke leningen hebben we?
  • Wat betalen wij jaarlijks aan rente en aflossing?
  • Welke risico’s zijn er?
  • Welke kansen zien we?
  • Wat verwachten we voor de komende jaren?
  • Hoeveel geld staat er op de gemeentelijke rekening bij de schatkist?

Beperken financiële risico’s

De gemeente verkleint financiële risico’s door voorzichtig te werk te gaan bij het verstrekken van leningen en garanties. Belangrijke uitgangspunten hierbij zijn:

  • Leningen of garanties aan derden worden uitsluitend verstrekt na goedkeuring door de gemeenteraad.
  • Vooraf wordt het risico beoordeeld op terugbetaling of eventuele aanspraken bij garantstelling.

De gemeente staat garant bij verschillende vormen van financiering, direct of via waarborgfondsen. Bij garantstellingen via waarborgfondsen wordt de gemeente pas aangesproken als het fonds niet meer aan haar verplichtingen kan voldoen. Door de sterke financiële positie van deze fondsen en de gebruikelijke hypothecaire zekerheden is het risico beperkt.

Daarnaast heeft de gemeente voor circa € 6 miljoen aan renteloze leningen uitstaan bij verenigingen en instellingen. Door jaarlijkse aflossing daalt het uitstaand risico structureel .

We blijven binnen de financiële risiconormen

De Wet financiering decentrale overheden (Fido) geeft gemeenten en andere decentrale overheden richtlijnen voor hun kredietwaardigheid en positie op de financiële markten. Een gezonde financiering staat hierbij centraal. De wet geeft twee concrete richtlijnen: de renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Het doel is om te voorkomen dat de lening portefeuille te gevoelig is voor rente schommelingen.

De Kasgeldlimiet

Om een grens te stellen aan het gebruik van korte termijnfinanciering is de kasgeldlimiet opgenomen. De kasgeldlimiet (8,5% van het begrotingstotaal) is in de begroting 2026 € 20,6 miljoen. Dit betekent dat we maximaal voor € 20,6 miljoen met kortlopende leningen kunnen financieren. De kasgeldlimiet heeft het volgende verloop:

Nr. Omschrijving 2025 2026

1.

Begrotingstotaal

214.558

242.080

2.

Wettelijk percentage

8,5%

8,5%

3.

Kasgeldlimiet (1*2)

18.240

20.577

Bedragen (x €1.000)

Op dit moment zijn er geen kortlopende leningen en voor 2026 verwachten wij geen overschrijding van de kasgeldlimiet.

De Renterisiconorm

Hoeveel lossen we af op leningen? Verandert de rente op leningen? De renterisiconorm voorkomt dat teveel leningen in korte tijd herzien of afgelost moeten worden. De norm bedraagt 20% van het begrotingstotaal. Voor 2026 komt dit neer op 2026 € 48,4 miljoen. Op grond van de huidige lening portefeuille blijven we met € 29 miljoen ruim binnen de gestelde norm.

De tabel hieronder toont de verwachte ontwikkeling van de renterisiconorm voor het komende jaar:

Nr. Omschrijving 2025 2026

1

Begrotingstotaal

214.558

242.080

2

Wettelijk percentage

20%

20%

3

Renterisiconorm (1x2)

42.918

48.416

4

Renteherzieningen

0

0

5

Aflossingen

5.959

5.424

6

Bedrag waarover renterisico gelopen wordt (4+5)

5.959

5.424

7

Ruimte onder renterisiconorm (3-6)

36.959

37.494

Bedragen (x €1.000)

Lening portefeuille

Gelet op ons positieve saldo “Schatkistbankieren” bij het ministerie van Financiën is het niet nodig om nieuwe langlopende leningen aan te trekken. Met de rentelasten van de huidige leningen hebben we in de exploitatiebegroting rekening gehouden.

Omschrijving 2025 2026 2027

Stand 1 januari

65.663

59.705

54.281

Nieuwe leningen

0

0

0

Reguliere aflossingen

5.959

5.424

5.303

Extra aflossing

0

0

0

Stand per 31 december

59.704

54.281

48.978

Rentelasten

1.016

894

793

Bedragen (x1.000)

Kerngetallen

  • Aflossingen lening portefeuille 2026 € 5,5 mln.
  • Saldo lening portefeuille 31 december 2026 € 54 mln.
  • Rentelasten lening portefeuille 2026 € 894.000.
  • Rentelasten doorbelast aan woningcorporaties € 75.000
  • Gemiddeld rentepercentage lening portefeuille 3,78%

Wat zijn de uitgangspunten voor het afsluiten van nieuwe geldleningen > 1 jaar?

Bij het aantrekken van geldleningen > 1 jaar gelden de volgende voorwaarden:

  • Uitsluitend voor publieke taken.
  • Op basis van een actuele liquiditeitsprognose en rentevisie.
  • Minimaal twee offertes worden opgevraagd.

Wat zijn de renteontwikkelingen?

De rente op de geld- en kapitaalmarkt wordt voornamelijk bepaald door het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). De kapitaalmarktrente (is de rente die een overheid moet betalen om geld te lenen op de lange termijn met een looptijd van 10 jaar of langer) stabiliseert sinds 2024 rond het niveau van 2,7%. Voor 2026 wordt op basis van macro- economische trends en centraal bankenbeleid een renteniveau verwacht tussen 2,4% en 3,0%. Natuurlijk kunnen onverwachte economische of politieke ontwikkelingen een ander beleid veroorzaken.

De rente voor een 10-jarige lening bedraagt per juli 2025 2,81% de verwachting is dat deze voor 2026 licht zal dalen.

Historische data kapitaalmarktrente 10 jaar

De rente voor het aantrekken van geld met een looptijd minder dan 1 jaar (korte geldleningen) bedraagt momenteel 1,9% voor één maand tot 2,0% voor één jaar. Deze rentes zullen in 2026 naar verwachting licht gaan dalen. Gelet op het positieve saldo op de rekening van Schatkistbankieren is de verwachting dat de gemeente in 2026 geen kort geld hoeft te lenen.

Hoeveel geld heeft de gemeente in de Schatkist?

Voor de dagelijkse inkomende en uitgaande geldstromen heeft de gemeente bankrekeningen bij de Bank Nederlandse Gemeente (BNG) en de Rabobank.

Ook worden er contante gelden in een kas bijgehouden. De contante geldstroom wordt tot een minimum beperkt en regelmatig overgemaakt naar de rekening bij de Rabobank.

Vanaf 2013 is de Wet verplicht Schatkistbankieren ingesteld. Dit houdt in dat de gemeente al haar overtollige middelen moet aanhouden bij het Ministerie van Financiën. Overtollige middelen boven het drempelbedrag van 2% van het begrotingstotaal moeten dagelijks worden overgeboekt naar de schatkist van het Ministerie van Financiën. De gemeente hanteert een drempel van € 0,00 waardoor dagelijks het positieve banksaldo van de BNG-rekeningen naar de schatkist wordt overgemaakt.

Over het saldo op de rekening bij het Ministerie van Financiën ontvangt de gemeente een rentevergoeding. In de eerste helft van 2025 bedroeg deze vergoeding € 575.000. Verwachting is dat dit bedrag in de tweede helft van het jaar verder zal oplopen.

In onderstaand overzicht wordt het verloop van het saldo weergegeven:

Omschrijving 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025

Stand 1 januari

0

6.031

24.100

39.183

9.708

42.233

51.742

Stand per 31 december

6.031

24.100

39.183

9.708

42.233

51.742


Ontvangen rente

0

0

0

54

935

1.353


Bedragen x €1.000

Kerngetallen

  • Saldo rekening schatkistbankieren per juli 2025 € 60 miljoen
  • Rente (te ontvangen) rekening schatkistbankieren per juli 2025 1,93%
  • Rente (te betalen) 20 jarige lineaire lening per juli 2025 3,55%
  • Rente (te betalen) geldlening looptijd 1 maand per juli 2025 1,90%
  • Rente (te betalen) geldlening looptijd 12 maanden per juli 2025 2,07%

Kredietrisicobeheer

  • Sinds de invoering van de Wet verplicht Schatkistbankieren kan de gemeente overtollige middelen uitsluitend aanhouden bij het ministerie van Financiën of uitzetten bij andere publiekrechtelijk lichamen, zoals gemeenten en provincies.
  • Daarnaast kan de gemeente leningen of garanties verstrekken aan derden. Dit is alleen toegestaan nadat de gemeenteraad de betreffende partij heeft goedgekeurd. Voorafgaand vindt een toetsing plaats op financiële risico’s.
  • De gemeente maakt geen gebruik van risicovolle financiële instrumenten zoals derivaten.

Liquiditeitsrisico’s

  • Het liquiditeitsrisico betreft het risico dat zich afwijkingen voordoen in de verwachte inkomsten en uitgaven. Dit risico kan worden ondervangen door het bijhouden van een actuele prognose van de te verwachten inkomsten en uitgaven.
  • Gedurende het jaar kan deze prognose worden aangepast op basis van gewijzigde inzichten.
  • Indien noodzakelijk worden, conform de bevoegdheden uit het Treasurystatuut, nieuwe leningen aangetrokken. Dit kan zowel kortlopend (< 1 jaar) als langlopend (> 1 jaar).
  • De kosten van het betalingsverkeer worden zoveel mogelijk beperkt door dit zoveel mogelijk elektronisch te laten verlopen via één bank.

Valutarisico’s

  • De gemeente loopt geen valutarisico’s, aangezien uitsluitend in euro’s wordt geleend en uitgeleend. Hierdoor is er geen risico op waardeverlies door negatieve wisselkoersontwikkelingen.

Het valutarisico wordt als nihil beoordeeld.

Hoe wordt de rente toegerekend?

Om in de begroting de totale rentelasten en de daarmee samenhangende financieringsbehoefte inzichtelijk te maken, schrijft het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) voor dat de paragraaf Financiering in ieder geval inzicht moet geven in:

  • De totale rentelasten
  • Het renteresultaat
  • De wijze waarop rente aan investeringen wordt toegerekend

Voor de toerekening van rente aan investeringen en programma’s wordt binnen de gemeente gewerkt met een omslagrente. Dit is een percentage dat wordt gebruikt om de rentelasten op een uniforme manier toe te rekenen over alle investeringen.

De berekening op basis van het BBV komt uit op een omslagpercentage van 0,720% . Binnen de gemeente is het beleid om dit percentage, met inachtneming van een afronding tot maximaal 0,5%-punt boven de berekende waarde, vast te stellen. Op basis daarvan is het omslagpercentage voor 2026 vastgesteld op 1,0% .

Dit percentage wordt uniform toegepast op alle investeringen en vormt daarmee de basis voor de rentetoerekening aan de verschillende programma’s binnen de begroting.

Het renteresultaat geeft het saldo weer tussen de betaalde rente van de langlopende en kortlopende geldleningen en anderzijds de rente die wordt doorberekend aan de producten, de investeringen en de grondexploitaties.

Het saldo geeft een voordelig renteresultaat op Treasury van € 61.000.